Historie


Algemeen

Vroeger leefden hier de Germanen. Zij dronken bier uit de schedels van hun slachtoffers. Of dit verhaal werkelijkheid is, valt te betwijfelen. Maar wat wel degelijk waar is, is dat Limburg een lange en rijke brouwgeschiedenis heeft. Lees het boek “Bier in Limburg” van Sef Derkx eens. Je zult versteld staan hoe de geschiedenis van bier is verlopen.

Sevenum

Zoals vrijwel ieder Limburgs dorp kent Sevenum ook een lange brouwgeschiedenis. Helaas is er niet veel bewaard gebleven en moeten we ons vooral beroepen op oude registers van de gemeente en het kadaster. Op basis hiervan weten we dat er vanaf het eind van de 17de eeuw zeker gebrouwen werd in Sevenum. Daarvoor is het onduidelijk Overigens wist men destijds nog helemaal niets over het scheikundige proces achter het brouwen. Het vakmanschap was puur gebaseerd op ervaring en werd zodoende meestal van vader op zoon overgedragen. We zien dan ook dat het brouwersvak generaties lang binnen een familie blijft. In Sevenum zijn de families Vullinghs, Nabben en Raedts bekend om de vele brouwers.

Ook moeten we ons niet te veel voorstellen van de omvang van de brouwerijen. Veelal werd destijds alleen gebrouwen voor de plaatselijke bevolking. Aan de andere kant was het wel zo dat bier destijds gezonder (lees veiliger) was dan water. Zo’n 400 jaar geleden dronk men wel rond de 300 liter gemiddeld per hoofd van de bevolking!! Zelfs kinderen dronken bier. Denk er wel aan dat bier destijds niet zo zwaar van alcohol was … En ze konden niemand het rijbewijs afnemen.

Voor zover we weten is er in het verleden in Sevenum op 7 plaatsen gebrouwen. Van 6 van deze brouwerijen is niets meer over. Brouwerij de Hees van Vullinghs staat er nog, maar de inrichting is compleet weg en de gebouwen zijn helaas sterk verouderd. De hierna volgende beschrijving van de brouwerijen is voornamelijk gebaseerd op informatie verstrekt door de Heemkundevereniging Sevenum.

Brouwerij Metten

Deze brouwerij moet in de Hees gelegen hebben, op of nabij huisnummer 45. Het enige wat hiervan bekend is, is dat er in 1670 Hendrick Metten woonde en hij was brouwer. Tevens was er een familierelatie met brouwerij De Swaen in het dorp.

Brouwerij De Swaen

In het dorp, waar nu Markt 11 en 13 ligt, heeft vroeger Brouwerij de Swaen gelegen. Het pand was tevens een herberg. In de 17de eeuw was Leonardus van Eindt de eigenaar. Zijn ouders werden ook wel “Metten” genoemd. Van hieruit ook de link naar brouwerij Metten. De brouwerij gaat van de familie van Eindt over naar Jan Raedts en vervolgens naar Peter Vorstermans. In 1732 werden dochter Ida met haar man Andreas Coenen eigenaar. Na het overlijden van dit echtpaar werd De Swaen in een openbare verkoop verkocht aan Jan Houben. Zoon Petrus was in 1775 eigenaar. Zijn beroepsomschrijving was “bier- en genevertapper / verkoper”. Vanaf 1750 staat echter nergens meer dat hier gebrouwen wordt. In 1882 werd het pand gesloopt, waarna het huidige pand is gebouwd.

Brouwerij Raedts

In de Raadhuisstraat waar nu het Raadhuisplein ligt, lagen vroeger woningen. Hier heeft ook de oude burgemeesterswoning van de familie Everts gelegen. Dit huis is nog wel bekend van oude foto’s en is in de 60-er jaren moeten wijken voor het plein. Op deze plek heeft nog eerder de brouwerij van de familie Raedts gelegen. In het begin van de 18de eeuw woonde hier Petrus Raedts. Hij was schepen, brouwer, tapper en moutmaker. Petrus had een broer Jan die brouwer is geweest bij De Swaen. Aannemelijk is dan ook dat vader Gisbertus ook brouwer was, maar bewijs hiervan ontbreekt. Petrus’ zoon Cornelis neemt de brouwerij over. Cornelis verhuist in 1792 naar de Renkenstraat waar hij een nieuwe brouwerij begint bij de boerderij die zijn vrouw Elisabeth Leijsten via erfdeling had verkregen.

In het pand aan de Raadhuisstraat blijft neef Gisbertus Raedts brouwen tot 1810. Er vind dan een erfdeling plaats waarbij de boerderij/brouwerij wordt toebedeeld aan Gisbertus’ zus Cornelia. Cornelia was getrouwd met Servatius Everts. Servatius laat de brouwerij slopen en gaat verder als boer. Zijn zoon wordt in 1830 burgemeester van Horst-Sevenum. De woning is vanaf dat moment tot in de 60-er jaren van de vorige eeuw burgemeesterswoning. Helaas komen we nergens een naam tegen van deze brouwerij.

De brouwactiviteiten van de familie Raedts aan de Renkenstraat gaan langer door. Cornelis had onder meer 2 zonen. Petrus gaat verder met brouwerij de Roos en Lodewijk pacht vanaf 1827 het pand in de Renkenstraat van de familie Leijsten. Lodewijk overlijdt in 1873. Zijn dochter Maria was getrouwd met Antoon Derks, welke de laatste jaren brouwer is. Bij de verkoop in 1883 eindigen de brouwactiviteiten hier van de familie Raedts. Voor het vervolg van de brouwactiviteiten in de Renkenstraat, zie Vulinghs’ Brouwerij. Helaas komen we nergens een naam tegen van een van de brouwerijen van de familie Raedts.


de Burgemeesterswoning van Everts

de Raadhuisstraat voor de oorlog

Sevenum 1729 – Joshua Grave

Brouwerij de Roos

Op de Markt 8 ligt momenteel het vervallen huis van voorheen de familie Raedts. Dit huis is gebouwd in 1902. Op deze locatie komen we vanaf 1750 brouwactiviteiten tegen. Mogelijk zijn deze destijds overgenomen van brouwerij De Swaen die er tegenover lag. In 1750 stookte Hendrik van de Goor hier jenever. Vanaf 1795 wordt er zeker bier gebrouwen door Derick van de Goor en zijn vrouw Ida Stappers. Aangezien zij geen kinderen hadden, woonde nicht Helena Tielen bij hen. Zij trouwde in 1814 met Petrus Raedts, zoon van Cornelis Raedts van de Renkenstraat. Petrus Raedts is zodoende de volgende brouwer. De brouwerij gaat vervolgens over naar zijn zoon Jan en vervolgens naar zijn zoon Pieter Raedts. Pieter was de laatste brouwer. Hij kreeg 9 kinderen, waaronder Gertruud welke nog lang in het huidige pand gewoond heeft en in Sevenum nog wel bekend is. Een andere dochter was Antonia Raedts, de vrouw van brouwer Jacobus Vullinghs van Vullinghs’ Brouwerij.

Tot 1872 werd er tevens jenever gestookt. Het oude brouwershuis werd in 1902 afgebroken, waarna het huidige pand werd gebouwd. In een klein pand erlangs werd tot 1916 gebrouwen. Hierna werd de brouwer en herberg gesloten. Mede schuld aan het einde van de brouwerij was de slechte kwaliteit van het grondwater.

Pand Raedts aan de Markt

Brouwerij Het Anker

De oude kerk van Sevenum is op 22 november 1944 door de terugtrekkende Duitsers opgeblazen. Hierbij werd ook het direct ernaast liggend pand aan de Raadhuisstraat ernstig beschadigd. Hier lag Brouwerij het Anker. De brouwerij beeindigde in 1910 haar activiteiten. De laatste uitbater was Jan van den Bosch. Ook zijn vader Ernest was brouwer. Ernest was geboren in Maashees en heeft het pand gekocht van Jan Nabben. Jan was brouwer en jeneverbrander. Zijn vader Peter had in 1798 als beroepsomschrijving: fabrikant in jenever. Zijn vader heette ook Peter en was ook naast brouwer ook wacheltertapper (jenever) en moutmaker. Van zijn vader Jan werd in 1690 al vermeld dat hij brouwer, herbergier en tapper was. De naam Het Anker komt in 1785 al voor.


Cafe het Anker

foto van 1905 (cafe het anker)

Oude kerk; het witte huis is Het Anker

Brouwerij De Gouden Leeuw

Op de Markt 18 tegenover de Peperstraat woont nog steeds de familie Nabben. Op deze plaats heeft Brouwerij De Gouden Leeuw gelegen. De eerste vermelding van een brouwerij komen we hier tegen in 1731 toen Jan Baeten hier woonde, een distilleerketel had en bier- en wacheltertapper was. In 1748 wordt vermeldt dat hij een brouwketel had. Het is wel de vraag of er toen bier gebrouwen werd of jenever. Na het overlijden van Jan, hertrouwt zijn echtgenote Getrudis Smits met Reinier Kersten. In 1765 wordt vermeld dat hij bierbrouwer was. In 1784 neem Christoffel Baeten, zoon van Jan Baeten, de brouwerij over en wordt de nieuwe brouwer. In 1817 wordt het pand, dat toen al De Gouden Leeuw heette, gekocht door Catharina van Enckevort, weduwe van Peter Nabben. Catharina was afkomstig van herberg het Anker. Zoon Peter nam in 1820 de brouwerij over, waarna vervolgens diverse generaties Nabben het brouwvak uitoefenen. Allereerst Peter Nabben. Zoon Matheus neemt de brouwerij over. Onder zijn hoede wordt in 1872 de distilleerderij en branderij gesloten. De laatste brouwer, zoon Jozef Peter besluit in 1917 om ook de brouwerij te sluiten. De brouwerij wordt in 1924 gesloopt en wordt het huidige pand gebouwd.

Dorpsgezicht 1934 met links het huidige pand van Nabben

Vullinghs’ Brouwerij

Op deze locatie wordt vanaf 1792 gebrouwen door de familie Raedts (zie brouwerij Raedts). Anton Derks, gehuwd met Maria Raedts verkoopt in 1883 de brouwerij aan Jacob Vos. Vos brouwt hier tot 1895 en verkoopt de brouwerij/boerderij aan Sjang Vullinghs. Dit pand stamde uit de 17e eeuw en was hiervoor door enkele generaties van de familie Raedts gebruikt. Sjang Vullinghs was de zoon van bierbrouwer Piet Vullinghs van Brouwerij De Roskam in Horst. De brouwerij werd vernoemd naar de naam van de streek waarin de brouwerij is gelegen: de Hees.

Het was niet alleen een brouwerij maar tevens een boerderij waar gerst werd geteeld. Het woonhuis van het pand had drie verdiepingen. De tweede verdieping werd gebruikt als kiemkast: het gerst werd in water geweekt. De gerstekorrels namen het water en zuurstof op en begonnen te ontkiemen. Door dit kiemen ontstond groenmout. De derde verdieping was bestemd voor het eesten: het groenmout werd hier gedroogd en het kiemproces gestopt. Daarna ontstond het mout voor het brouwproces wat aan de overkant gebeurde.

Sjang Vullinghs was getrouwd met Maria van den Bosch uit Linden (Noord-Brabant). Ze kregen negen kinderen. Sjang’s broer Piet was werkzaam in Brouwerij De Roskam in Horst. Er werd daar niet veel gebrouwen. Het was meer uit liefhebberij voor het vak. De concurrentie in Horst was groot, er waren namelijk nog vijf andere brouwerijen in het dorp. De omzet van Brouwerij De Roskam daalde en Piet stopte met brouwen. Daar hij een klantenkring had, ging hij met paard en wagen naar zijn broer Sjang om bier te halen en dit bottelde hij om weer te verkopen.

Rond 1920 komen twee zonen van Sjang (Jacobus en Lambert) in de brouwerij aan het werk. Lambert verzorgde het brouwen en Jacobus deed het kantoorwerk. Hiernaast waren er nog vier vaste medewerkers. Lambert betaalde de inventaris van de kasteleins die zijn bier tapte. Sommige kasteleins hadden schulden bij hem in de vorm van een aantal fusten of kratten. Verder waren er kasteleins die een lening hadden afgesloten.

Jacobus was getrouwd met Anthonia Raedts, de dochter van collega-brouwer Raedts van Brouwerij De Roos uit Sevenum. Zij hadden 12 kinderen en een van hen, Jan, volgde een brouwopleiding in Gent.

In 1947 ging zoon Jan samenwerken met zijn neef Jaj, zoon van Piet Vullinghs van de vroegere Brouwerij De Roskam. Deze familie bezorgde nog steeds bier in Horst. Jaj had voor de helft aandelen in de brouwerij.

Er werd Extra Lager Bier op de markt gebracht onder de naam Vullinghs Bier. De naam van de brouwerij werd in 1948 veranderd in Kronenberger Bieren. De bieren die toen gebrouwen werden waren Pilsener Special 5% – wat destijds het best verkocht – en van november tot januari Bock Special 6.5%. Er werd ongeveer 2800 hectoliter per jaar geproduceerd. De afzetgebieden waren, naast Sevenum en Horst, Venlo, Blerick, Grashoek, Helden, Griendtsveen en Helenaveen. In Griendtsveen was zomers een grote vraag naar bier door de turfstekers, die in het veen werkten. Het bier werd per spoor aangevoerd naar de plaatselijke kroeg.

In de jaren 50 en 60 was er sprake van de zogenaamde bieroorlog. Het was moeilijk voor de dorpsbrouwers om te concurreren met de grote brouwerijen. Brouwerij Kronenberger Bieren had vooral concurrentie van Rutten’s Bierbrouwerij De Peelhaas en van bieragentschap Gijssen uit Helden-Panningen die Drie Hoefijzers Bier verkocht. Dit leidde in 1952 tot verkoop. Naast Heineken hadden Brand, Bavaria, Lindeboom en Vriendenkring interesse, maar Heineken bood het meest. Heineken nam alles over, zelfs de schulden van de kasteleins.

Het pand ligt er nog steeds en wordt gebruikt bij de naastgelegen boerderij van Vullinghs. Helaas is de inrichting van de brouwerij verwijderd en is het oudste gedeelte grotendeels vervallen.

© Brouwerij de 7de Hemel 2006